De Koreaanse regisseur Bong Joon-ho bouwde met Barking Dogs Never Bite, Memories of Murder, The Host en Mother een sterke reputatie in op in eigen land, waarna hij met Snowpiercer (2013) en Okja (2017) twee grote Amerikaanse coproducties kon maken. Helemaal tevreden was hij daar niet mee (ik ook niet) waarna hij weer naar zijn eigen land terugkeerde en daar Parasite afleverde. Die film was zo’n gigantisch succes dat hij voor de opvolger toch weer naar de VS werd gelokt. Met Mickey 17 overkomt hem echter hetzelfde als met Snowpiercer en Okja.
Bong is een interessante regisseur omdat hij op een originele manier genres weet te mengen en er iets nieuws mee maakt. Vooral de combi van comedy en horror/science fiction, werkt in zijn handen goed. Het is echter mijn ervaring dat dit vooral goed lukt met een volledig Koreaanse cast. In Hollywood moet hij compromissen sluiten die het slagen van zijn aanpak in de weg staan. Met Mickey 17 maakt hij een politieke sf-satire over de manier waarop kapitalistische leiders de gewone man beschouwen en behandelen. Maar dan wel een satire die niet helemaal gelukt is.
De centrale gewone man is hier Mickey Barnes (Robert Pattinson), die (omdat er een nogal agresieve schuldeiser achter hem aan zit) zich aanmeldt als bemanningslid op een ruimteschip onder leiding van politicus Kenneth Marshall (Mark Ruffalo) en zijn vrouw Ylfa (Toni Collette). Ruffalo is net zo over de top is als in Poor Things en de Collette is zo mogelijk nog extremer met haar sauzenfetish. Het zijn karikaturen die doen denken aan het acteren van Tilda Swinton en Jake Gyllenhaal in Okja en zelfs dan zijn hun scenes niet eens echt grappig.
De aarde is onbewoonbaar verklaard en het schip gaat op weg om de planeet Niflheim te koloniseren. De nogal naieve Mickey heeft zich aangemeld als ‘expendable’, waarbij hij de kleine letters niet heeft gelezen. Die houden in dat hij dodelijke opdrachten moet uitvoeren, waarna hij via geavanceerde kloontechnologie opnieuw geprint en zijn persoonlijkheid geupload wordt. Deze cyclus wordt verstoord wanneer het laatste model, Mickey 17, op wonderbaarlijke wijze een beoogde dood overleeft. Dat leidt tot de onbedoelde creatie van Mickey 18 (ook gespeeld door Pattinson). Die blijkt wat minder dociel en verzet zich fel tegen het idee dat hij vervangbaar is. Deze confrontatie wordt uitgebreid met de strijd tegen Kenneth (die geinspireerd lijkt te zijn door Donald Trump, gezien de domheid en het enorme ego) en Ylfa Marshall. En dan zijn er nog de ‘creepers’, een soort gordeldieren die Niflheim bevolken en symbool staan voor de puurheid van de planeet.
Mickey 17 is een volle en zeer luide film die echter niet veel weet te zeggen en als een herhaling voelt van eerdere Bong-films. De onderdrukking van de gewone man in Snowpiercer, het vreemde monster uit The Host en de milieukwesties in Okja. Er is een vergelijking te maken met de steeds herboren wordende Tom Cruise in Edge of Tomorrow en de satire in Paul Verhoevens Starship Troopers. Bong is net zo luidruchtig in zijn aanpak als in die voorbeelden, maar waar die ook echt hilarisch waren is Mickey 17 is vooral veel ‘net niet’.